Ga naar inhoud
De overgang en leefstijl - Dr Maaike de Vries en gyneacoloog Dr Manon Kerkhof Inschrijven
Artikel

Vleesbomen in de baarmoeder: wat je zelf kunt doen

Vleesbomen in de baarmoeder komen zo vaak voor dat ze bijna gewoon zijn. Zeven op de tien witte vrouwen en ruim acht op de tien vrouwen met een Afrikaanse achtergrond hebben er voor hun vijftigste ooit een gehad, meestal zonder het te weten; dat bleek toen Donna Baird van het Amerikaanse gezondheidsinstituut NIEHS vrouwen zonder klachten een echo aanbood [1]. Krijg je wel klachten, dan gaat het meestal om hevig bloedverlies, buikpijn, vaak moeten plassen en moeheid. Een vleesboom die je al hebt, krijg je met leefstijl niet weg. Wel zijn er vier dingen die je deze maand kunt laten meten, en bij elke uitslag hoort een volgende stap.

Gepubliceerd:
Jonge vrouw meet haar bloeddruk thuis met een bovenarmmeter

Foto: Mikhail Nilov via Pexels (Pexels License)

Kernboodschappen van dit artikel (leestijd 9 minuten)

  1. Vleesbomen (myomen) zijn goedaardige gezwellen van de baarmoederspier. De meeste vrouwen krijgen ze; een kwart tot een derde krijgt er klachten van.
  2. Anders eten of afvallen laat een bestaande vleesboom niet verdwijnen. Leefstijl gaat bij vleesbomen over de kans dat er nieuwe bijkomen.
  3. Vier metingen leveren wel iets op: je ijzervoorraad (ferritine), je vitamine D, je tailleomtrek en je bloeddruk. Vraag er zelf om: de Nederlandse richtlijnen zeggen niets over leefstijl.
  4. Ferritine is je ijzervoorraad. Die voorraad kan leeg zijn terwijl de gewone bloedarmoede-uitslag normaal is; dan ben je toch moe.
  5. Vitamine D slikken remde bij vrouwen met een tekort de groei van de vleesboom. Of het ook je bloedverlies of je pijn scheelt, is nooit gemeten.
  6. Vraag je arts om een ferritinebepaling en om álle behandelmogelijkheden: er ligt meer tussen afwachten en je baarmoeder laten verwijderen dan je vaak te horen krijgt. Met een kinderwens zeg je dat vóór de keuze.

1. Wat zijn vleesbomen in de baarmoeder, en waaraan herken je ze?

Een vleesboom is een goedaardig gezwel van het spierweefsel van de baarmoeder. Vleesbomen groeien op de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron: daarom komen ze op in de vruchtbare jaren en worden ze na de overgang meestal kleiner. Bij vrouwen met een Afrikaanse achtergrond komen ze ook op jongere leeftijd op [1]. Elke vleesboom groeit uit één ontspoorde cel en gaat daardoor zijn eigen gang: de meeste groeien langzaam, een enkele verdubbelt binnen een half jaar en een enkele wordt vanzelf kleiner [2].

Waar de vleesboom zit, bepaalt de klachten meer dan zijn grootte. Vier klachten komen het vaakst voor:

  • Hevig en langdurig menstrueel bloedverlies, de klacht die het vaakst tot een ingreep leidt.
  • Vaak moeten plassen, plotselinge aandrang, verstopping, een opgezette buik, rugpijn.
  • Moeheid, kortademigheid bij inspanning en slecht kunnen nadenken, door ijzergebrek na jarenlang bloedverlies. Van de oorzaken van hevig menstrueel bloedverlies springt de vleesboom er het duidelijkst uit [3].
  • Pijn bij de menstruatie of bij het vrijen.

Herken je deze klachten, wacht er dan niet mee: Amerikaanse vrouwen wachtten gemiddeld bijna vier jaar voordat ze hulp zochten [4], terwijl vrouwen met vleesbomen op vragenlijsten over kwaliteit van leven even slecht scoren als mensen met een hartziekte [5]. De huisarts is de eerste stap. Bij een inwendige echo wordt een dunne staaf via de vagina ingebracht; die laat zien hoeveel vleesbomen er zijn, hoe groot ze zijn en waar ze zitten, en zo nodig verwijst de huisarts je door naar de gynaecoloog [6]. Eerst: de vier signalen waarbij je niet wacht.

2. Vier signalen waarbij je niet wacht

De meeste klachten van een vleesboom zijn vervelend. Gevaarlijk zijn ze meestal niet. Bij deze vier signalen wacht je niet; bel je huisarts, en bij het laatste punt de huisartsenpost of 112:

  • Je lekt door, ook met dubbele bescherming, of verliest stolsels groter dan een 2-euromunt.
  • Duizelig bij opstaan, kortademig bij een trap oplopen of hartkloppingen: de tekenen van bloedarmoede door bloedverlies.
  • Een zwelling in je buik die in korte tijd duidelijk groter wordt.
  • Plotselinge, hevige buikpijn die niet zakt. Een vleesboom aan een steel kan om die steel draaien; dat is een reden voor spoed.

3. Vier metingen die je deze maand kunt laten doen

In de Nederlandse richtlijnen over vleesbomen staat geen woord over leefstijl [6, 7]. Om de vier metingen hieronder moet je dus zelf vragen. Geen van de vier laat een bestaande vleesboom verdwijnen: de eerste laat zien wat de vleesboom met jou doet, de andere drie gaan over de kans dat er nieuwe bijkomen. We beginnen bij wat je nu al voelt: je moeheid.

Meting 1: je ijzervoorraad (ferritine)

Ben je moe, kortademig bij inspanning of kun je slecht nadenken, vraag dan om een ferritinebepaling, en niet alleen om de gewone bloedarmoede-uitslag. Die uitslag meet hemoglobine, de rode kleurstof die zuurstof vervoert. Ferritine is iets anders: je ijzervoorraad. Je lichaam houdt het hemoglobine zo lang mogelijk op peil en put daarvoor eerst die voorraad uit. Je ijzervoorraad kan dus leeg zijn, en jij moe, terwijl je hemoglobine nog goed is. De Nederlandse huisartsenrichtlijn waarschuwt bovendien dat je aan een laag hemoglobine kunt wennen als het bloedverlies jaren duurt [6].

Wat je met de uitslag doet: is je ferritine laag, dan vul je ijzer aan, in de vorm die je huisarts kiest.

Meting 2: je vitamine D

Vrouwen met genoeg vitamine D in hun bloed hebben duidelijk minder vaak vleesbomen [8], en bij vrouwen die vitamine D slikten groeide de vleesboom minder hard dan bij vrouwen die een nepmiddel kregen [9]. Zeker is dat niet: de winst is alleen gezien bij vrouwen met een uitgesproken tekort, en naar je bloedverlies en je pijn is nooit gekeken. In het Amerikaanse NHANES-onderzoek was er bovendien geen enkel verband tussen vitamine D en vleesbomen [10]. Een betere waarde remde de groei over enkele jaren wel iets, maar er kwamen niet minder nieuwe vleesbomen bij [11].

Een tekort wil je sowieso aanvullen, voor je botten en spieren. Vraag erom, zeker bij een donkere huid of als je weinig buiten komt.

Wat je met de uitslag doet: vul een tekort aan in de dosering die je huisarts aangeeft. De doseringen waar het dan om gaat, zijn tientallen keren die van een tabletje uit het schap [12]. Voor alle duidelijkheid: daar begin je niet zelf aan. Wat er in je eten aan vitamine D zit, lees je in ons artikel over 12 bronnen van vitamine D.

Meting 3: je tailleomtrek

Een grotere tailleomtrek verhoogt de kans op vleesbomen, en waarschijnlijk is de taille zelf de oorzaak [13]. Vetweefsel rond je buik maakt namelijk zelf oestrogeen aan, en vleesbomen groeien op oestrogeen.

Meten doe je zo: sta rechtop, adem rustig uit en leg het meetlint om je blote middel, halverwege je onderste rib en je heupbot. Niet aantrekken. Boven de 80 centimeter geldt als verhoogd, boven de 88 als sterk verhoogd.

Wat je met de uitslag doet: wat je sinds je achttiende bent aangekomen weegt zwaarder dan wat de weegschaal vandaag aangeeft [14]. Verder aankomen tegengaan levert dus meer op dan snel afvallen: van afvallen krimpt een vleesboom die je al hebt niet. Hoe je dat aanpakt, staat in ons artikel gezond afvallen.

Meting 4: je bloeddruk

Hoe hoger je bloeddruk, hoe groter de kans op vleesbomen. Per 10 mmHg hogere onderdruk, de onderste van de twee waarden op de meter, stijgt die kans met ongeveer 8 procent [15]; vrouwen met een hoge bloeddruk hebben vaker vleesbomen [16]. Waarschijnlijk beschadigt een hoge druk het spierweefsel van de baarmoeder, waarna het herstel uit de hand loopt [15]. Of je bloeddruk verlagen ook het aantal vleesbomen omlaag brengt, weten we niet. Van alles wat met vleesbomen samenhangt, kun je je bloeddruk het beste zelf beïnvloeden.

Wat je met de uitslag doet: is je bloeddruk verhoogd, dan helpen vier dingen die je zelf kunt doen.

  • Minder zout, dat vooral uit brood, kaas, vleeswaren en kant-en-klaar komt.
  • Meer bewegen en minder lang achter elkaar zitten.
  • Minder alcohol.
  • Beter slapen.

Hoe je dat aanpakt, lees je in ons artikel hoge bloeddruk verlagen met leefstijl, en hoe je thuis goed meet in bloeddruk meten thuis.

4. Wat je dagelijkse gewoonten bij vleesbomen veranderen

Bewegen, eten, drinken, spanning en slaap doen weinig aan de kans dat er nieuwe vleesbomen bijkomen, en niets aan de vleesboom die je al hebt. Wat ze wel opleveren, zie je in je bloeddruk en je taille.

Vrouwen die veel bewegen hebben minder vaak vleesbomen, al is dat verschil klein en vindt niet elk onderzoek het [17, 18]. Vier of meer porties fruit en groente per dag gaan samen met een iets kleinere kans op vleesbomen, en die winst zit in het fruit [19]. Alcohol in het algemeen geeft geen hogere kans op vleesbomen [20]; alleen bij zeven of meer glazen bier per week komen ze ongeveer anderhalf keer zo vaak voor [21]. Ideeën staan op onze pagina over beweging; hoe je minder drinkt, lees je in ons artikel stoppen of minderen met alcohol in 7 stappen.

Langdurige spanning gaat samen met een grotere kans op vleesbomen, vooral bij ervaren discriminatie en bij geweld in de jeugd [22, 23, 24]. Slapeloosheid verhoogt de kans op vleesbomen niet [25]. Nachtelijke aandrang, pijn en ijzergebrek houden je wel uit je slaap, en vrouwen met vleesbomen hebben vaker last van somberheid en angst [26]. Ontspanning en verbinding helpen niet tegen de vleesboom, wel tegen wat de vleesboom met je doet.

5. Wat je niet kunt veranderen

Het grootste deel van je kans op vleesbomen ligt buiten je invloed. Je leeftijd is na je afkomst de sterkste voorspeller: de kans loopt op door je vruchtbare jaren. Ook vleesbomen in de familie en vroeg ongesteld worden verhogen je kans; elke voldragen zwangerschap verlaagt hem [27].

Vrouwen met een Afrikaanse achtergrond krijgen vleesbomen vaker, op jongere leeftijd, groter, met meer tegelijk en met ernstiger klachten, en ondergaan vaker een baarmoederverwijdering [28]. Dat verschil is geen eigenschap van een groep. Eronder ligt een stapeling van blootstellingen die ongelijk verdeeld is: minder vitamine D bij een donkere huid onder een Noord-Europese zon, stoffen in haar- en verzorgingsproducten, langdurige spanning en ervaren discriminatie, en verschil in toegang tot zorg. Van die vier blootstellingen is je vitamine D-waarde de enige die je vandaag kunt laten meten.

6. Wat kan de dokter wel en niet doen?

Geen enkele behandeling neemt de oorzaak weg: alles dempt de klachten, verkleint of sluit de vleesboom af, of haalt hem weg. Wat je vooral moet weten, is dat er tussen afwachten en je baarmoeder laten verwijderen nog een paar routes liggen: medicijnen tegen het bloedverlies, wegschrapen via de baarmoedermond, de vleesboom losmaken terwijl je baarmoeder blijft, en het afsluiten van de bloedvaten ernaartoe. Wat bij jou past hangt af van de plek, de grootte en het aantal vleesbomen, en van je kinderwens; die afweging maak je met je arts. Wat elke route inhoudt, staat op de pagina van Thuisarts.nl over de vleesboom.

Twee dingen kun je zelf inbrengen. Onderzoekers van de Vrije Universiteit becijferden dat in Nederland per jaar ruim 1.700 baarmoeders worden verwijderd wegens vleesbomen, en dat maar een op de drie ziekenhuizen embolisatie aanbiedt - het afsluiten van de bloedvaten naar de vleesboom [29]. Wat je krijgt aangeboden hangt dus af van waar je terechtkomt: vraag welke behandelingen er nog meer bestaan. En heb je een kinderwens, zeg dat dan zelf vóór de keuze valt. Vleesbomen die in de baarmoederholte uitpuilen verlagen de kans op zwangerschap, en ze weghalen lijkt die kans te verbeteren [30].

7. Tot slot

Kortom: bij vleesbomen vervangt leefstijl geen behandeling. Tussen afwachten en opereren liggen wel meer stappen dan je vaak hoort. Vier dingen kun je deze maand regelen: om een ferritinebepaling vragen, je vitamine D laten bepalen, je bloeddruk laten meten en je meetlint om je middel leggen. Een ijzertekort dat wordt gevonden en aangevuld, scheelt direct in je moeheid.

Dit artikel is gebaseerd op de 30 onderstaande wetenschappelijke artikelen.
  1. Baird DD, Dunson DB, Hill MC, Cousins D, Schectman JM. High cumulative incidence of uterine leiomyoma in black and white women: ultrasound evidence. Am J Obstet Gynecol. 2003;188(1):100-7. DOI
  2. Peddada SD, Laughlin SK, Miner K, Guyon JP, Haneke K, Vahdat HL, et al. Growth of uterine leiomyomata among premenopausal black and white women. Proc Natl Acad Sci U S A. 2008;105(50):19887-92. DOI
  3. Donnez J, Carmona F, Maitrot-Mantelet L, Dolmans MM, Chapron C. Uterine disorders and iron deficiency anemia. Fertil Steril. 2022;118(4):615-24. DOI
  4. Borah BJ, Nicholson WK, Bradley L, Stewart EA. The impact of uterine leiomyomas: a national survey of affected women. Am J Obstet Gynecol. 2013;209(4):319.e1-319.e20. DOI
  5. Go VAA, Thomas MC, Singh B, Prenatt S, Sims H, Blanck JF, et al. A systematic review of the psychosocial impact of fibroids before and after treatment. Am J Obstet Gynecol. 2020;223(5):674-708.e8. DOI
  6. Nederlands Huisartsen Genootschap. NHG-Standaard Vaginaal bloedverlies. Actualisatie januari 2024. Link
  7. Federatie Medisch Specialisten. Richtlijn Hevig menstrueel bloedverlies (HMB). Publicatiedatum 10 juli 2025. Link
  8. Baird DD, Hill MC, Schectman JM, Hollis BW. Vitamin D and the risk of uterine fibroids. Epidemiology. 2013;24(3):447-53. DOI
  9. Alsharif SA, Baradwan S, Alshahrani MS, Khadawardi K, AlSghan R, Badghish E, et al. Effect of oral consumption of vitamin D on uterine fibroids: a systematic review and meta-analysis of randomized clinical trials. Nutr Cancer. 2024;76(3):226-35. DOI
  10. Mitro SD, Zota AR. Vitamin D and uterine leiomyoma among a sample of US women: findings from NHANES, 2001-2006. Reprod Toxicol. 2015;57:81-6. DOI
  11. Harmon QE, Patchel SA, Denslow S, LaPorte F, Cooper T, Wise LA, et al. Vitamin D and uterine fibroid growth, incidence, and loss: a prospective ultrasound study. Fertil Steril. 2022;118(6):1127-36. DOI
  12. Ivanova M, Soule A, Pudwell J, Bougie O. The association of vitamin D with uterine fibroids in premenopausal patients: a systematic review and meta-analysis. J Obstet Gynaecol Can. 2024;46(11):102632. DOI
  13. Venkatesh SS, Ferreira T, Benonisdottir S, Rahmioglu N, Becker CM, Granne I, et al. Obesity and risk of female reproductive conditions: a Mendelian randomisation study. PLoS Med. 2022;19(2):e1003679. DOI
  14. Qin H, Lin Z, Vásquez E, Luan X, Guo F, Xu L. Association between obesity and the risk of uterine fibroids: a systematic review and meta-analysis. J Epidemiol Community Health. 2021;75(2):197-204. DOI
  15. Boynton-Jarrett R, Rich-Edwards J, Malspeis S, Missmer SA, Wright R. A prospective study of hypertension and risk of uterine leiomyomata. Am J Epidemiol. 2005;161(7):628-38. DOI
  16. Chen Y, Xiong N, Xiao J, Huang X, Chen R, Ye S, et al. Association of uterine fibroids with increased blood pressure: a cross-sectional study and meta-analysis. Hypertens Res. 2022;45(4):715-21. DOI
  17. Baird DD, Dunson DB, Hill MC, Cousins D, Schectman JM. Association of physical activity with development of uterine leiomyoma. Am J Epidemiol. 2007;165(2):157-63. DOI
  18. Birolim MM, Souza SCS, Rodrigues R, da Silva DF, Martínez-Vizcaíno V, Mesas AE. The association between physical activity and uterine leiomyoma and its symptoms: a systematic review and meta-analysis. Health Sci Rep. 2025;8(2):e70487. DOI
  19. Wise LA, Radin RG, Palmer JR, Kumanyika SK, Boggs DA, Rosenberg L. Intake of fruit, vegetables, and carotenoids in relation to risk of uterine leiomyomata. Am J Clin Nutr. 2011;94(6):1620-31. DOI
  20. Salmeri N, Cipriani S, Ricci E, Chiaffarino F, Parazzini F. A systematic review and meta-analysis on alcohol consumption and uterine fibroids: an update from 2017. J Nutr. 2026;156(5):101465. DOI
  21. Wise LA, Palmer JR, Harlow BL, Spiegelman D, Stewart EA, Adams-Campbell LL, et al. Risk of uterine leiomyomata in relation to tobacco, alcohol and caffeine consumption in the Black Women's Health Study. Hum Reprod. 2004;19(8):1746-54. DOI
  22. Qin H, Lin Z, Vásquez E, Xu L. The association between chronic psychological stress and uterine fibroids risk: a meta-analysis of observational studies. Stress Health. 2019;35(5):585-94. DOI
  23. Wise LA, Palmer JR, Cozier YC, Hunt MO, Stewart EA, Rosenberg L. Perceived racial discrimination and risk of uterine leiomyomata. Epidemiology. 2007;18(6):747-57. DOI
  24. Boynton-Jarrett R, Rich-Edwards JW, Jun HJ, Hibert EN, Wright RJ. Abuse in childhood and risk of uterine leiomyoma: the role of emotional support in biologic resilience. Epidemiology. 2011;22(1):6-14. DOI
  25. Fang L, Wang Y, Wang R, Fang Y, Xie Y, Yang S, et al. Insomnia and female reproductive diseases: a cross-sectional and Mendelian randomization study. Int J Womens Health. 2025;17:439-47. DOI
  26. Chiuve SE, Huisingh C, Petruski-Ivleva N, Owens C, Kuohung W, Wise LA. Uterine fibroids and incidence of depression, anxiety and self-directed violence: a cohort study. J Epidemiol Community Health. 2022;76(1):92-9. DOI
  27. Wise LA, Laughlin-Tommaso SK. Epidemiology of uterine fibroids: from menarche to menopause. Clin Obstet Gynecol. 2016;59(1):2-24. DOI
  28. Katon JG, Plowden TC, Marsh EE. Racial disparities in uterine fibroids and endometriosis: a systematic review and application of social, structural, and political context. Fertil Steril. 2023;119(3):355-63. DOI
  29. Vink MDH, Portrait FRM, Hehenkamp WJK, van Wezep T, Koolman X, Bongers MY, et al. Regional practice variation in hysterectomy and the implementation of less invasive surgical procedures: a register-based study in the Netherlands. Acta Obstet Gynecol Scand. 2024;103(7):1292-301. DOI
  30. Pritts EA, Parker WH, Olive DL. Fibroids and infertility: an updated systematic review of the evidence. Fertil Steril. 2009;91(4):1215-23. DOI
21.000+ lezers

Nieuwsbrief

Elke maand iets gezonds in je inbox.

Auteur

Jaap Versfelt
Jaap Versfelt

Directeur-bestuurder

Gerelateerde artikelen

maand cyclusArtikel

Zo ondersteun je een gezonde menstruatiecyclus met je leefstijl

Je menstruatiecyclus reageert op dingen zoals voeding, stress, slaap en beweging. Een gezonde leefstijl helpt je cyclus te ondersteunen in het dagelijks leven. Het kan klachten minder heftig maken of helpen voorkomen dat ze erger worden. Je menstruatiecyclus zegt ook iets over je gezondheid.

Lees meer
Bloeddruk meten thuis: zo doe je het goedAan de slag

Bloeddruk meten thuis: zo doe je het goed

Bloeddruk meten thuis geeft een betrouwbaarder beeld dan bij de huisarts. Leer welke fouten je vermijdt en hoe je het stap voor stap goed aanpakt.

Lees meer